Filip Rogiers

Schrijver en journalist Filip Rogiers: 'Geweld is de lava van de gewonde mens'

Ken Lambeets
© Brussel Deze Week
23/09/2015

'Verman je', het nieuwe boek van schrijver en journalist Filip Rogiers, is een novelle over gevoelsarmoede, egocentrisme en zelfbegoocheling tegen de achtergrond van een door kapitalisme beheerste arbeidsmarkt.

Tweeëntwintig jaar in de journalistiek: Filip Rogiers noemt het een voorrecht. Hij begon als recensent bij de Poëziekrant en werkte achtereenvolgens bij De Standaard Magazine, de politieke redactie van De Morgen en Knack. Na een kort intermezzo in de politiek belandde Rogiers vijf jaar geleden opnieuw bij De Standaard, waar hij voor dS Weekblad voornamelijk politiek-maatschappelijke reportages en interviews verzorgt.

Dat doet hij met veel plezier, vertelt Rogiers in het Jetse Atelier 34zéro, bij hem thuis om de hoek. “Je kan veel kritiek hebben op de media, heel veel zelfs – die heb ik zelf ook geuit in vorige non-fictie boeken – maar ten gronde vind ik de journalistiek een onwaarschijnlijk boeiend beroep, zeker op de manier dat ik het kan en mag beoefenen. Je komt werkelijk met alle sectoren van de samenleving in aanraking.”

Toch voelt Rogiers zich meer schrijver dan journalist. “Dat klinkt misschien vreemd omdat ik voltijds als journalist werk, maar het schrijven was er eerst. Ik heb lang gedacht dat ik op een dag een keuze zou moeten maken, maar ondertussen zie ik dat mijn journalistiek werk de literatuur voedt, en vice versa.”

Zelfbegoocheling
In drie keer acht hoofdstukken, met gebalde beschrijvingen en veel mooie woorden – “de invloed van Nederlandse schrijvers Allard Schröder en Thomas Rosenboom” – vertelt Verman je het verhaal van de 34-jarige antiheld Hofman. Als ontwerper van een selectietool in een headhuntersbureau strijkt Hofman, voornaam onbekend, een riant loon op en meet hij zich een levensstijl aan die daarbij past. Wanneer hij een relatie begint met Anita Meskens die “meer uit lichaam dan uit woorden” bestaat, gaat het hem ook in de liefde voor de wind. Maar is Hofmans geluk wel op een stabiel fundament gestoeld?

Hoewel er impliciet heel wat maatschappijkritiek in het boek vervat zit, gaande van discriminatie op de arbeidsmarkt tot het immorele handelen van de nouveaux riches, was het niet Rogiers’ bedoeling om een roman te schrijven op maat van de actualiteit. “Politiek-maatschappelijke analyses maak ik al in de krant. In het literaire schrijven interesseert mij de psyche van de mens, in dit geval die van mijn hoofdpersonage Hofman, en de ontwikkeling die hij doormaakt. Hofman is een vehikel om iets te zeggen over gevoelsarmoede, egocentrisme en zelfbegoocheling.”

Indignado
Rogiers gebruikt de maatschappelijke context om vlees en bloed aan zijn personages te geven. “Mensen reageren op verschillende manieren op het onvrije vrijemarktdenken en het rendementsdenken in de samenleving. Ten eerste zijn er de slachtoffers van het systeem: zij die in armoede leven of aanspoelen op de stranden van Europa. Dat zijn de mensen die mij het meeste interesseren als journalist, maar als schrijver ben ik er minder mee.”

“Het systeem kan ook woede en reactie opwekken. Denk maar aan nieuwe politieke bewegingen zoals Podemos in Spanje of Syriza in Griekenland en dichter bij huis de burgerinitiatieven die journaliste Tine Hens beschrijft in haar boek Het Klein Verzet of de geefpleinen van auteur Jeroen Olyslaegers. Een personage uit mijn boek, Ruud Schietse, heb ik onbewust naar hem gemodelleerd. Schietse, een indignado, plaatst kanttekeningen bij het systeem waarin Hofman een pion is. Schietse vecht voor de goede zaak maar overschrijdt zelf ook morele grenzen in de geëngageerde kunst die hij maakt. Voor alle duidelijkheid: ik vind Jeroen Olyslaegers veel sympathieker dan Ruud Schietse (lacht).”

“Tot slot zijn er de mensen die in het systeem meedraaien zonder zich daarbij vragen te stellen, zoals Hofman. In het begin van het boek voert hij als bedrijfspsycholoog in het stedelijk onderwijs gesprekken met leerkrachten die hun depressies niet aankunnen. Maar in plaats van zich te bekommeren om de psyche van de mensen die hij behandelt, concentreert Hofman zich op de targets van het systeem: de scholen die zich niet kunnen permitteren dat er te veel leerkrachten uitvallen. Kapitalisme ontmenselijkt.”

Handlanger
Zoals wel vaker gebeurt, haalde de werkelijkheid de fictie in. Nadat Rogiers zijn boek had afgerond, stootte hij op enkele verhalen die dicht in de buurt komen van wat de personages in Verman je overkomt. “In zijn boek Autoriteit beschrijft auteur en psycholoog Paul Verhaeghe hoe de Britse regering in 2008-2009 veel geld stak in gedragstherapie. Statistieken hadden namelijk aangetoond dat de economie schade werd toegebracht omdat er te veel mensen waren uitgevallen met ziekteverlof. Die gedragstherapeuten werden net zoals Hofman een soort handlanger van het systeem.”

“Toen ik Verhaeghe onlangs interviewde voor de krant, vertelde die hoe hij na een lezing voor ondernemersorganisatie Voka werd aangesproken door enkele CEO’s. Ze gaven toe dat ze naar de pijpen van hun shareholders dansten, maar dat er geen andere optie is. Hetzelfde geldt voor de bankiers waarmee journalist en antropoloog Joris Luyendijk op de koffie ging in het financiële hart van Londen. Dat bleken vaak erg fijne mensen, maar eenmaal hun koffie leeg was, keerden ze terug naar het systeem, omdat het zo belangrijk is voor hun bestaansreden. Om uit het systeem te stappen heb je moed nodig. Daarvoor moet je jezelf vermannen, maar net als mijn personage Hofman slagen ze daar niet in.”

Existenzfragen
Hofman lijdt aan een ziekte die al eens de kop opsteekt bij mensen met een intermenselijke beroep zoals psychologen, maatschappelijk werkers en journalisten: cynisme. “Ik vind dat een verschrikkelijke ziekte waar ik mezelf zoveel mogelijk van probeer te vrijwaren. Maar Hofman slaagt daar niet in, hij rijdt zich almaar meer vast. Hij heeft een heel hoge dunk van zichzelf, maar au fond is hij een heel zwak figuur. Hij streeft naar orde en hij wil alles zo perfect doen dat hij uiteindelijk enkel ravages aanricht. Geweld is de lava van de gewonde mens.”

Dat Rogiers sterk kan psychologiseren blijkt ook uit de relatie tussen Hofman en Anita, die na een intens begin steeds meer barsten vertoont. “Hofman en Anita beleven een heel grote, weliswaar louter lichamelijke liefde, die verslavend werkt. Ze vragen zich af wat hen overkomt. Anita noemt hun relatie ‘bijna de perfectie van kunst’. Zo dansen de protagonisten rond elkaar en duwen ze Existenzfragen weg, omdat ze bang zijn om hun sterke, fysieke band kapot te maken. Dat het niet goed afloopt, staat in de sterren geschreven.”

-----------------------------

Twintig jaar Brussel

“Toen ik in 1994 ik bij De Morgen begon, woonde ik in Gent. Omdat ik het beu was om iedere avond pas om 22 uur thuis te komen, verhuisde ik naar Sint-Agatha-Berchem. In het eerste jaar na mijn verhuis reed ik zeker één avond per week naar de Vooruit voor mijn avondpint (lacht).”

“Na passages in Schaarbeek en Brussel-Stad woon ik inmiddels vijf jaar in Jette. Vroeger luidde de citymarketingslogan: een dorp in de stad. De laatste jaren is het iets stedelijker en hipper geworden. Nog niet zo lang geleden kopte BDW: ‘Jette, het nieuwe Sint-Gillis.’ Dat vat mijn gevoel goed samen.”

“Wat ik zo leuk vind aan Brussel? In Antwerpen openen ze Park Spoor-Noord pas als het helemaal af is. In Brussel verloopt alles veel anarchistischer. In park L28 kan je nu al rondlopen, terwijl er nog veel moet gebeuren. Ook op het bric-à-brac-experiment van de centrale lanen kan je vloeken, maar ik vind het bovenal een sympathiek project.”

BDW in gesprek met ...

Brussel Deze Week ontmoet iedere week een interessante Brusselaar voor een boeiend gesprek.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Jette , Samenleving , BDW in gesprek met ...

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni