Marka

Marka: ‘Ik heb de naam van een saucisse’

Bettina Hubo
© Brussel Deze Week
14/10/2015

In Vlaanderen verdween Serge Van Laeken uit de spotlights na de split van punkgroep Allez Allez. Op de Franstalige podia bleef hij echter rustig aan de weg timmeren onder de naam Marka. Deze week komt zijn negende album uit. “Ik ben geen grote star, maar ik kan er van leven.''

V an Laeken (54) is Brusselaar in hart en nieren. Hij spreekt ook het sappigst Brussels, aangevuld met Frans en Nederlands. Maar wonen doet hij al bijna twintig jaar vlak over de gewestgrens, in Linkebeek. De stad is hem te druk geworden. “Met de auto is er niet meer doorheen te raken,” zegt hij.

Daarom is hij vandaag op de motor naar Le Pistolet Original gekomen, een van zijn favoriete lunchtentjes aan de Zavel. En straks na het interview gaat hij op de motor naar zijn boksclub in Molenbeek, vlakbij de wijk waar het voor hem allemaal begon.

Van Laeken werd geboren in Bosvoorde, maar groeide op in de Molenbeekse Mettewiebuurt, tegenover het stadion van RWDM. “We woonden niet op de Mettewielaan zelf. Dat was te chique. Mijn ouders hadden een rijhuisje in de cité, gebouwd door Joseph Diongre, de architect van het Flageygebouw. Het was een soort dorp.”

Hij was enig kind en werd bovendien grotendeels opgevoed door zijn grootouders, bobonne en parrain, die naast hem woonden. “Je kunt je voorstellen dat ik verwend was. Anderzijds verplichtte bobonne mij om ‘s middags thuis warm te komen eten. Dat betekende twee keer per dag op en neer naar het centrum van Brussel want ik liep school in het atheneum Léon Lepage aan de Rijke Klaren.”

Schone jongen
Molenbeek was leuk om op te groeien, zeg Van Laeken. Maar ook een beetje saai. “Op cultureel vlak viel er niets te beleven. Voor concerten en optredens moest je naar de Ancienne Belgique in het centrum, of naar clubs in Ukkel of Elsene.”

Via school was hij als tiener met muziek begonnen. “Er was daar een punkgroepje. Het voordeel van punk is dat je niets hoeft te kunnen,” lacht hij. Hij begon te oefenen op de gitaar die hij van zijn vader had gekregen en na een jaar of drie werd hij als bassist gevraagd voor een groepje rond zangeres Sarah Osborne, dat Allez Allez zou worden. “Ik speelde eerst als invaller, maar mocht blijven. Ze hadden vooral ne schone jongen nodig.”

De groep werd in korte tijd razend populair, zowel in Franstalig België als in Vlaanderen. Ze had hits met Allez Allez en African Queen. “Maar na een goed jaar was het al voorbij. Er kwam een andere zangeres en het werd minder tof.”
Van Laeken werd vervolgens gitarist en zanger van de Engelstalige groep Les Cactus, waar Dirk Schoufs, de latere medeoprichter van Vaya Con Dios, bassist was. “We hebben hem er na een tijdje moeten uitknikkeren, nen toffe gast maar met veel problemen. Hij is er altijd kwaad om gebleven.”

Maar ook het liedje van Les Cactus duurde niet lang. Op zijn vierentwintigste hing Van Laeken zijn gitaar aan de wilgen en werd hij vertegenwoordiger van muziekinstrumenten voor een Nederlandse firma. “Ik woonde op mezelf en moest geld verdienen.”

Maar het geld en de bedrijfswagen maakten hem niet gelukkig. Hij ontmoette de comédienne Laurence Bibot, zijn latere vrouw. Samen kregen ze een zoon. Het gaf hem de drive om te breken met zijn vertegenwoordigersbaantje en na zes jaar de gitaar weer op te pakken.

Maar een nieuwe groep wilde hij niet meer. “Dat geeft altijd problemen.” Dus begon hij een solocarrière onder de Slavisch klinkende naam Marka. “Niks Slavisch,” zegt Van Laeken. “Ik droeg in mijn jeugd heel vaak een T-shirt met het opschrift Marcassou, van het worstenmerk. Iedereen noemde me daarom Marcassou of Marca. Zo werd het Marka. Ik heb dus de naam van een saucisse.”

Hij bracht een plaat uit bij het Belgische label Pias en probeerde ook in Frankrijk aan de bak te komen. Drie jaar lang werd hij door allerlei Franse platenmaatschappijen aan het lijntje gehouden. Tot in 1995 - hij stond op het punt om er de brui aan te geven - de telefoon rinkelde: of hij wilde tekenen bij Columbia.

Hij had meteen een hitje met het nummer Accouplés. In totaal bracht hij in Frankrijk vier platen uit. Tussendoor was hij te zien op zowat alle Franse tv-zenders en gaf hij veel concerten. “Ik heb zelfs dertien keer in de muziektempel Bercy gespeeld, weliswaar in het voorprogramma van Céline Dion.”

Maar echt doorbreken in Frankrijk deed hij niet, in tegenstelling tot andere Belgen als Axelle Red en Arno. “Het was nog net de periode dat de Fransen vooral met de Belgen lachten. Dat is daarna helemaal veranderd, onder meer dankzij acteur Benoît Poelvoorde. Nu vinden ze alles wat uit ons land komt tof.”

Begin jaren 2000 verplaatste hij zijn carrière dan ook opnieuw naar ons land. “Ik had goed geld verdiend in Frankrijk, maar wilde graag dichter bij mijn gezin zijn. Uiteindelijk is het hier ook gemakkelijker om naam te maken.”

Daring
Hij besloot voortaan alles in eigen beheer te doen - van de platenproductie tot het regelen van optredens - en startte zijn eigen label Daring, een verwijzing naar RWDM maar ook naar het Engelse durven.

Onder dit label bracht hij het afgelopen decennium zo om de twee jaar een nieuw album uit. Tussendoor reisde hij langs alle Franstalige podia, van lokale clubs in Waalse dorpen tot de Francofolies in Spa. Niets is hem te min. Afgelopen weekend trad hij nog op in de beenhouwerij van een vriend in Oudergem.

De muziek liet hem ook toe om een groot stuk van de wereld te zien. Over een aantal exotische bestemmingen - Japan, Cuba, Senegal, Qatar en San Salvador - maakte hij muzikale reisdocumentaires. Binnenkort mag hij trouwens weer naar Japan, voor een optreden op het Belgisch-Japans Bierfestival.

Het was ook tijdens een van zijn verre concertreizen dat Van Laeken de tekstschrijver tegenkwam van zijn nieuwe album, Days of Wine and Roses. “Ik ben zelf niet goed in teksten. Heel lang schreef een vriend uit Molenbeek de lyrics.” In China ontmoette hij de toenmalige Belgische ambassadeur Pierre Bernard, een enorme muziekfan. “We bleven in contact. Toen ik een tijdje geleden besloot om na meer dan dertig jaar weer eens een Engelstalig album te maken, heb ik hem gevraagd voor de teksten. Wellicht ben ik de enige zanger met een ambassadeur als tekstschrijver.”

_________________________________________

marka affiche benefiet

Benefiet voor de daklozen
Marka is ook een geëngageerd artiest. Op 24 oktober geeft hij in het Schaarbeekse Théâtre 140 een benefietconcert ten voordele van vier daklozenorganisaties. Marka (alias Serge Van Laeken) trekt zich al langer het lot van de Brusselse daklozen aan. Sinds enkele jaren treedt hij op tijdens het resto-uitje dat zijn vriend Michel Dupont jaarlijks organiseert voor de daklozen. De laatste keer ontmoette hij er een Pools koppel dat onder een brug in Anderlecht sliep en daar verjaagd was. “Een van de nummers op mijn nieuwe album gaat over daklozen, What’s going wrong. Ik heb het koppel gevraagd om te figureren in de clip.” Met de video wilde hij ook de aandacht vestigen op enkele organisaties die de daklozen bijstaan: Doucheflux, Netwerk tegen Armoede, Front commun des SDF en Brussels Platform Armoede. Ter ondersteuning van hen geeft hij nu dit benefietconcert.

BDW in gesprek met ...

Brussel Deze Week ontmoet iedere week een interessante Brusselaar voor een boeiend gesprek.

Fijn dat je wil reageren. Wie reageert, gaat akkoord met onze huisregels. Hoe reageren via Disqus? Een woordje uitleg.

Lees meer over: Samenleving , Muziek , BDW in gesprek met ...

Iets gezien in de stad? Meld het aan onze redactie

Site by wieni