arrow
U bent hier: Home Stadsleven ‘Bouwen aan een betere stad doe je niet met stenen alleen’
Anders Bekeken
STADSLEVEN
zondag 31 januari 2010
‘Bouwen aan een betere stad doe je niet met stenen alleen’
Ludo Moyersoen
Ludo Moyersoen: "Ik doe drie dingen voor MicroMarché: ervoor zorgen dat het gebouw functioneert, dat er marktkramers zijn en dat er publiek is."
© Marc Gysens

Brussel - “Werken aan een betere infrastructuur: niets mis mee, het kan veel goeds teweegbrengen. Maar het is maar één deel van het verhaal. Er moet ook de ambitie zijn om mensen te helpen hun kansen te vergroten op sociaal-economisch en cultureel vlak. En daar hinkt Brussel stevig achterop.” Met MicroMarché, een initiatief van de cvba Urban Product, geeft Ludo Moyersoen creatievelingen de kans hun waren aan de man te brengen.

Kuregem, dat is thuis voor Ludo Moyersoen, zijn vrouw en hun oogappels Farah, Wiske en Xante. Werken aan een beter Brussel doet hij langs de Steenkoolkaai, in het centrum. Daar ontvangt hij me ook. In een karig ingericht kantoortje, waar hij, gewapend met laptop en telefoon, zijn project uitwerkt.

“Een stad ontwikkelt zich niet alleen op basis van de hardware, maar ook van de software. Zeker als je aandacht wilt hebben voor de sociale of emancipatorische kant van de zaak. En daar loopt het mank. Bij City Mine(d), waar ik vijf jaar actief ben geweest, zaten we bijvoorbeeld se­rieus in de knoei met de ‘linkse’ architect die tegen gentrification is: ‘We moeten de wijkcontracten tegenhouden, want die maken de buurten mooier en leefbaarder, waardoor minderbedeelde bewoners moeten vertrekken.’ Wat is dan het alternatief? ‘Oké, leef dan maar in armoede’? Waar ik ook keek, nergens zag ik een dynamiek die mensen nieuwe kansen geeft.”

“Het zal ongetwijfeld wel zo zijn dat een mooi park aangenaam is en dat het ook echt een aantal positieve dingen op gang brengt. Maar ik vind dat er tegelijkertijd direct de reflectie moet zijn: hoe ga je de kansen van de Brusselaars, sociaal-economisch en cultureel, vergroten? Antwoord: niet alleen door na te denken over infrastructuur, maar ook door te praten over lokale stedelijke economie."

"Met als bijkomende factor voor het multiculturele Brussel een stevige bezinning over wat ze in Londen ethnic economy noemen, etnische economie. In de Engelse hoofdstad maakt dat expliciet deel uit van de politiek, van het imago dat de stad wil uitdragen. Kijk naar de steden die ‘dynamisch’ en ‘aantrekkelijk’ worden bevonden, en het valt op dat die perceptie steeds meer is gestoeld op zulke zaken, in plaats van op prestigieuze architectuur en zo."

"Berlijn, bijvoorbeeld: daar heb je een heel grote drive van kleine stedelijke activiteiten en creativiteit. En dat potentieel heeft Brussel ook; alleen: het wordt niet benut. Je hebt hier enorm veel mensen die kleinschalig creatief bezig zijn. Maar ze hebben weinig uitlaatkleppen, weinig plekken waar ze kunnen linken met andere Brusselaars of bezoekers. En daar spelen wij op in.”

Ronselen op kerstmarkt
Een sfeervolle binnenplaats met kasseisteentjes en oude treinbanken, overkoepeld met glas en staal: het hart van MicroMarkt/MicroMarché, waar op vrijdag, zaterdag en zondag marktkramers hun producten aan de man brengen. Van kleren over juwelen en accessoires tot kunstvoorwerpen, met één gemeenschappelijke noemer: alles is met de hand gemaakt. “Een beetje naar het voorbeeld van Camden Lock Market in Londen, maar dan op kleinere schaal. Zo kunnen die mensen ervaring opdoen en er op termijn even­tueel hun broodwinning van maken.”

“Heel tof is de diversiteit van de marchands . In leeftijd, sociaal-economische klasse, culturele achtergrond, nationaliteit, opleiding. Mensen voor wie vijftig euro verdienen belangrijk is voor hun wekelijks budget, maar evengoed vrouwen die niet hoeven te werken omdat manlief meer dan genoeg verdient.”

“Twee jaar lang hebben we met de markt buiten gestaan. Aan het Zuid, op de Nieuwe Graanmarkt en op het Recyclart Festival. Nu zitten we onder dak, in een gebouw van de Haven van Brussel. Voor zover ik weet, zijn we pas de derde gebruiker. Eerst zat hier een koetsenmaker. Vervolgens, vijftig jaar lang, Miroiterie Leys, glazenmaker van het hof. Eind juni van vorig jaar hebben wij getekend. Op 15 juli heb ik deze tafel en stoel hier gevonden en ben ik gaan zitten nadenken: hoe maak je die mooie plannen waar, hoe begin je daar nu aan? Koffiezetapparaat en twee kopjes gekocht, en dan beginnen bellen, bellen, bellen."

"Op 2 oktober hebben we een eerste klein marktje gehouden. Het voorlopige hoogtepunt was de periode van Winterpret: tot 35 standhouders hadden we. Een groot deel van het publiek hebben we toen geronseld op de kerstmarkt, van op een ladder aan het reuzenrad. Zo hebben we honderden kijk- en kooplustigen over de vloer gekregen. Mensen die het apprecieerden dat er nog iets anders was dan glühwein, hapjes en prullaria.”

“Zoals je ziet, is er nog werk aan de winkel. Goedkoop is het allerminst, maar het is het waard. We zetten nu bewust een stapje terug. Evalueren, de werkzaamheden afronden, geld zoeken, en dan drie stappen vooruit zetten. Tegen de lente hopen we er te staan met een gebouw en een structuur die voor honderd procent functioneren.”

“Onze corebusiness is het verhuren van ruimte. Ambulante marktkramers betalen volgens een systeem dat vergelijkbaar is met een tienrittenkaart, coöperanten betalen maandelijks een bedrag. Ikzelf heb drie dingen te doen: ervoor zorgen dat het gebouw functioneert, dat de marktkramers er zijn en dat er publiek is. Het is de bedoeling dat we met onze cvba, waarvan ik zaakvoerder ben, voor 75 procent op eigen economie functioneren; de overige 25 procent willen we via publieke fondsen genereren, vooral voor het stuk dat we moeilijk kunnen aanrekenen aan de micromarchands . Daarvoor hebben we nu een beperkte steun van de Stad Brussel en een samenwerking met het Opleidings- en Jobhuis.”

“Vanuit onze ervaring binnen de Brusselse context – en tot dusver met MicroMarché – hebben we ervoor gekozen te opereren als een cvba. Zo behouden we een grote vrijheid en transparantie. Al is het in Brussel niet eenvoudig om op een bepaalde schaal, zonder opgedrongen contradicties, zonder ongewenste, negatieve druk te werken. Zowel nu als indertijd bij City Mine(d) werk ik op vijf niveaus tegelijkertijd om budgettair rond te komen, toelatingen te krijgen en dies meer. Een deel van het administratieve kader lijkt een instrument van vijftig jaar geleden, deels bevolkt door mensen met precies zo’n mentaliteit: zonder voeling met de straat. Hun netwerken zitten in de Rand, niet in Brussel. Ik zeg niet dat alle administraties zo zijn, maar ze bestaan, en ze remmen Brussel stevig af. Nu is het aan ons om – ondanks alles – met een positief stadsverhaal de Brussel-ontdekker aan te spreken.”

:: MicroMarkt/MicroMarché (Steenkoolkaai 9) is er in principe elke vrijdag van 16 tot 21 uur en zaterdag en zondag van 13.30 tot 18 uur. Morgen, vrijdag 29 janua­ri, staat in het teken van India met een optreden van Haleh om 20 uur. Meer op www.micromarche.be

Karel Van der Auwera © Brussel Deze Week
  • Print
  • Verstuur
  • Reageer
  • Share/Save/Bookmark

skyscraper fmbrussel

Skyscraper FMB 7-09-2009

skyscraper agenda

 

skyscraper agenda 1221

skyscraper tvbrussel

 

skyscraper tvbrussel

 

skyscraper OPB

skyscraper muntpunt