Brussel -
Omdat Tom Barman de laatste weken elk stukje krant en tijdschrift opgegeten heeft dat is verschenen rond de nieuwe dEUS-cd, geven wij hier graag het woord aan andere creatieve zielen binnen de groep. Aan Klaas Janzoons bijvoorbeeld, de man achter de strafste vioolriff aller tijden.
Na de hele heisa over persembargo’s, waar wij ons op straffe van 25.000 euro ook gewillig aan onderwierpen, zou je haast vergeten waar het allemaal om draait: de muziek. En die is op Vantage point, de vijfde worp van Antwerp’s finest, weerom uitstekend. De evolutie die al merkbaar was op In a bar under the sea (‘Little arithmetics’!) zet zich steeds nadrukkelijker door: het experiment verhuist naar de achtergrond en in de plaats komt pure pop. Geen beefheartiaanse stuipen meer, maar songs die recht van a naar b denderen, zij het soms met meer weerbarstigheid dan de weerborstel van Frank Deboosere. Hun volstrekt unieke sound heeft dEUS doen uitgroeien tot een van de meest gerespecteerde indiebands in binnen- en buitenland. Hun huidige clubtournee was in geen tijd uitverkocht, de kaap van de 1 miljoen verkochte cd’s is gerond en de groep mag dit jaar Werchter afsluiten.
Wat echter vooral opvalt is het groepsgevoel dat van Vantage point afstraalt, dEUS klinkt eindelijk als een hecht musicerende groep vrienden die in zijn studio evenveel plezier beleeft als op het podium. “De energie en de vibes zaten deze keer goed,” zegt violist-toetsenist Klaas Janzoons, samen met Tom Barman de enige overlever uit de originele line-up. “Terwijl we Pocket revolution ondanks alle problemen toch konden maken, is Vantage point er gewoon gekomen.”
Bij Pocket revolution ging de groep door een zware identiteitscrisis, met een volledig door elkaar geklutste line-up tot gevolg. Tom Barman zat emotioneel aan de grond en kreeg geen letter meer op papier. Vantage point klinkt een pak vitaler, ik neem aan dat het deze keer een stuk vlotter verliep?
Klaas Janzoons: Het was niet alleen Tom Barman was die door een moeilijke periode ging, wij hadden het allemáál moeilijk. Pocket revolution is gemaakt door twee groepen, Vantage point door één groep, die ondertussen al een jaar getoerd heeft. We zijn een groepje vrienden geworden. En we beschikten deze keer over onze eigen studio - dus ja, het ging een stuk makkelijker.
Vantage point werd voorafgegaan door de single ‘The architect’. Is Tom Barman nog steeds de architect van dEUS?
Janzoons: Tom is altijd de grote voortrekker, de leider van de ploeg die ons op gang trapt. Hij is regisseur, niet alleen van films maar ook van dEUS. Het is gewoon handig als iemand de kar trekt. Maar Vantage point is zeker wel een groepsplaat.
Iedereen kijkt altijd reikhalzend uit naar de bijdrage van Mauro Pawlowski. Maar hij houdt zich graag op de achtergrond.
Janzoons: Mauro’s invloed als gitarist is zeer groot op deze plaat, hij komt voortdurend op de proppen met geweldige licks en riffs. Maar hij houdt zich bewust op de achtergrond. Het frontmanschap bewaart hij voor zijn eigen projecten.
Op jullie website komt jullie studio prominent in beeld. Was dat jullie grote vantage point?
Janzoons: Zeker, nu kunnen we voortdurend professioneel opnemen wanneer we maar willen. Toen dEUS stillag (na The ideal crash-tournee hield de groep een 'sabbatical’ die algauw zes jaar duurde, tz) heb ik een gebouw opgekocht in Borgerhout. In het begin was het een echt duivenkot, maar ik heb het helemaal verbouwd. En daarna heeft dEUS er zijn studio in ingepast (buiten de studio van dEUS is er ook nog het café van Janzoons, zijn er enkele appartementen gepland en binnenkort komt er ook een concertzaal, tz). Zeer handig, want de studio bevindt zich op tien meter van mijn voordeur.
Als je Vantage point naast jullie Worst case scenario of In a bar, under the sea legt, is het verschil erg groot. Met elke plaat zijn er minder stoorzenders te horen.
Janzoons: Veel mensen zeggen dat het experiment is verdwenen. Voor een stuk wel misschien, maar het is zeker niet helemaal weg. Het is geraffineerder. Een nummer als ‘The architect’ bijvoorbeeld is heel experimenteel tot stand gekomen. Om de beurt speelden we iets, op commando. Wat we opgenomen hadden, zijn we beginnen knippen en plakken. Het is een andere vorm van experiment, en het is niet de bedoeling dat je dat per se in de finale versie hoort. Dat vind ik zelfs een pluspunt.
‘Eternal woman’ of ‘Popular culture’ zijn toch regelrechte popnummers.
Janzoons: ‘Smokers reflect’, ‘Eternal woman’, ‘Popular culture’ - dat zijn nummers die Tom volledig zelf heeft geschreven, en die wij dan ‘aankleden’. Nummers zoals ‘Slow’ en ‘Is a robot’ zijn heel anders, ze zijn gegroeid uit jamsessies met de hele groep. Een song met een goede groove kun je maar maken met een goed geoliede groep, dat is heel anders dan een nummer schrijven op je kamertje op een akoestische gitaar. Maar als je beide kunt combineren heb je een mooi uitgebalanceerde plaat.
Moeten we ‘Popular culture’ zien als een sneer naar de Amerikaanse cultuur?
Janzoons: Dat nummer is een lofzang op de Amerikaanse cultuur, maar tegelijk klaagt het ook aan dat het zo moeilijk is om in die wereld binnen te dringen. Wij hebben twee keer op South by Southwest gespeeld, als je daar nog maar opgemerkt wordt, heb je het zogezegd gemaakt in Amerika. Wij werden telkens in de top vijf van beste groepen geplaatst, en vervolgens gebeurde er niets. Maar ik lig daar niet van wakker, de wereld is groot genoeg zonder Amerika. Ik heb kinderen en een goed sociaal leven, ik hoef niet per se een half jaar door Amerika te gaan toeren.
Je had je bij de vorige plaat voorgenomen om meer op de teksten van Tom Barman te letten. Doe je dat ondertussen?
Janzoons: Ja, vooral omdat ik op de meeste nummers ook meezing. Ik moet tot mijn schaamte bekennen dat ik dat vroeger nogal verwaarloosd heb, de tekststudie van Toms teksten. Anderzijds is het ook leuk om jaren na datum nog dingen te ontdekken. Dat is een wereld die opengaat (lacht).
De samenzang is heel opvallend op Vantage point. Een uiting van het hernieuwde groepsgevoel?
Janzoons: Ongetwijfeld, maar het komt ook gewoon door de samenstelling van de groep, waarin er veel goede zangers zijn. Mauro, onze drummer Stéphane (Misseghers) en onze bassist Alan (Gevaert) kunnen erg goed zingen. Voor mij is het nieuw, en zolang het niet te moeilijk is, lukt het wel. Het is altijd onze betrachting om onze horizonten te verleggen, en dit is er een van.
Na vijftien jaar dEUS ben jij met Tom Barman nog de enige uit de originele bezetting. Hoe zie jij je plaats in de groep?
Janzoons: Ik ben zowat de special effects van dEUS, ik doe alles wat niet gitaar, bas en drum is - toetsen, viool, strijkersarrangementen. Hier noemen ze mij ‘Klaas Tronic’. Ik doe ook de programming voor onze concerten. En ik ben de eigenaar van de studio, dus ben ik ook de conciërge van de groep.
Het is een vraag die ik mij eigenlijk nooit stel, maar ik ben zeker tevreden met mijn plek binnen dEUS. Ik heb bijvoorbeeld absoluut geen behoefte om op de voorgrond te treden. Als er mij iets frustreert, dan is het dat mensen mijn inspanning niet horen (lacht). Er zitten bijvoorbeeld heel wat vioolpartijen verwerkt in deze cd, maar het klinkt vrij onherkenbaar omdat ik altijd op zoek ga naar nieuwe geluiden.
De intro van ‘Smoke on the water’ is onlangs bij een Britse poll verkozen tot beste gitaarriff ooit. ‘Suds & soda’ heeft wat mij betreft de beste ‘vioolriff’ aller tijden.
Janzoons: Voilà. Het is de simpelste riff aller tijden, maar wel de effectiefste. Ik hoor hem nog dagelijks op de radio. Dat riffje is een eigen leven gaan leiden. Het is het zowat het handelsmerk van de groep geworden.
Jullie kwamen met ‘The architect’ binnen in de Ultratop op nummer 3. Dat was een primeur.
Janzoons: Dat verheugt mij wel, eindelijk worden we met dEUS ook door de Radio Contacten van deze wereld geapprecieerd. Ik vind niet dat wij alternatieve of duistere muziek maken, wij mogen gerust gehoord worden door iedereen. Ik ben onlangs gaan zwemmen in het zwembad van Borgerhout, en daar speelden ze ‘The architect’. Als we ook dáár gedraaid worden, dan hebben we het gemaakt.
Recensie cd
Sexy, dansbaar, eclectisch en in your face, had Tom Barman op voorhand verkondigd over Vantage point, en dat was niet gelogen. Onder de hoestekening van kunstenaar Michaël Borremans huizen zowel weerbarstige rockers als pure popsongs. ‘Oh your god’ is een manische woordenvloed à la Nick Cave aangevuurd door tegendraadse gitaren om dan vervolgens te exploderen in een uiterst meeslepend refrein, ‘Favourite game’ rijgt een hete groove aan Barmans geilste lap tekst ooit, ‘Slow’ combineert een bochtige baslijn met een nog donkerder samenzang - de vrouwenstem is die van Karin Dreijer Andersson van The Knife - en ‘The architect’, een ode aan de Amerikaanse architect en visionair Buckminster Fuller, springt in het rond als een ongetemd veulen dat opgegroeid is op een dieet van Talking Heads en TC Matic. Naar verluidt legde de groep de voorbije tournee voortdurend Tool op, en dat hoor je in ‘Is a robot’, een donkere song met puik gitaarwerk van Mauro. Ingetogener gaat het eraan toe op ‘Eternal woman’, een met strijkers bestrooide popsong waarin de engelachtige Lies Lorquet van Mintzkov “e-t-e-r-n-a-l” mag komen spellen. In ‘The vanishing of Maria Schneider’ - over de tegenspeelster van Marlon Brando uit Last tango in Paris - schurkt de melancholische strot van Elbow-opperhoofd Guy Carvey aan tegen de woorden van Barman. En dan is er nog ‘Popular culture’, dat verrijkt met een kinderkoor Vantage point besluit met een euforische afdronk. En of hun muziek nu zo dansbaar is? “Wij durven wel eens op ‘The architect’ te dansen, maar daar moet je je niet te veel bij voorstellen,” zegt Klaas Janzoons.
:: dEUS, 5.5.2008, 20u, Ancienne Belgique, Anspachlaan 110, Brussel, 02-548.24.24, info@abconcerts.be