Brussel-Stad -
Brassafrik ontstond uit de vriendschap tussen de Belgische trombonist Stefaan Blancke en de percussionist Babs Jobo uit Ghana, het land van de highlife, een voorloper van de afrobeat. Samen met enkele gasten stellen ze hun eerste album voor in de Beursschouwburg.
De naam Brassafrik omhelst de ontmoeting van Europese blazers en Afrikaanse percussie. “Babs is een goede maat. Onze vriendschap is ontstaan bij de Belgian Afrobeat Association en verder gegroeid bij Wawadadakwa. Hij heeft mijn interesse in Afrikaanse muziek opgewekt,” vertelt trombonist Stefaan Blancke. “Ik kom uit het fanfaremilieu en op een bepaald moment wil je daar echt uit. Intussen heb ik de charme van fanfare teruggevonden en ontdekt dat je er ook leuke dingen mee kunt doen.”
Zoals het vermengen met Afrikaanse tradities?
Stefaan Blancke: Inderdaad. Babs heeft me de roots van highlife laten horen. Daar zijn ook fanfares bij, dat klinkt echt fantastisch. Die muziek was voor mij een geweldige inspiratiebron. Babs vertrekt voor zijn composities van traditionele patronen die hij tot een nieuw geheel smeedt. Ik drapeer melodieën over Babs’ ritmes. Typisch Afrikaans is de vraag-antwoordstructuur. Die hebben we vertaald naar blaasinstrumenten.
Is dit project bij het Antwerpse huis voor muziekmakers Met-X geboren?
Blancke: Nee, we waren al begonnen toen Luc Mishalle (artistiek directeur van Met-X en saxofonist, bt) erover hoorde. Het paste perfect in de werking van Met-X en we hebben de kans gekregen het project verder uit te werken en een album op te nemen. Dat is een mooie momentopname van wat we doen, maar voor mij moet de zoektocht verder gaan. Volgend jaar trekken we naar Ghana om onze kennis van de ritmiek uit te diepen en de uitwisseling verder te zetten.
Het doet me wat denken aan Think of One die in Marokko en Brazilië zijn gaan opnemen met plaatselijke muzikanten…
Blancke: Klopt, maar dit is toch iets anders. Think of One was een groep die songs maakte die toegankelijk moesten zijn voor de radio. Ik ben daar niet vies van, onze muziek mag gerust op de radio, maar het hoeft niet per se. De uitwisseling en zoektocht op zich zijn het belangrijkste. Tijdens het maken van het album stelden we ons de vraag of we een captatie zouden maken van waar we op dat moment stonden. Roel Poriau, de drummer van Think of One die het album geproducet heeft, heeft ons overtuigd wat verder te schaven aan de nummers om ze toegankelijker maken. De samenwerking met Poriau heeft er dus wel voor gezorgd dat het album beluisterbaar is. (lacht)
Bij Met-X wordt vaak Marokkaanse muziek met jazz vermengd. Doen jullie dat ook?
Blancke: Wat is dat, jazz? Er wordt geïmproviseerd, nogal wat muzikanten komen uit de jazz, maar het heeft niets te maken met ingewikkelde akkoorden die we in jazz terugvinden. Er zijn gelijkenissen, we jongleren met ritmes en proberen dingen uit. We zijn met meer dan tien op het podium, we moeten dus een kader creëren waarbinnen er een zekere vrijheid is. De geest van de jazzmuzikant zit erin, maar het is geen jazzmuziek. Het ritme staat centraal.
Heeft Brassafrik zoals andere Met-X-projecten ook een educatieve dimensie?
Blancke: Niet echt. Babs geeft percussieworkshops, maar dat staat los van Brassafrik. Voor Met-X blijft het sociaal-artistieke het belangrijkste, maar intussen zijn er ook professionele groepen zoals wij, Marockin’ Brass en Saxafabra, die eerder als band dan als project fungeren.
;: Brassafrik
wanneer: 28 april 2010 om 20.30 uur
waar: Beursschouwburg, A. Ortsstraat 20-28, Brussel - 02-550.03.50 - info@beursschouwburg.be
inkom: gratis