Tuinbezitters wordt gevraagd minstens een halfuur te registreren hoeveel en welke vogels er bij een voederplaats in de tuin passeren. Opdat de spotter alle vogelsoorten zou herkennen die hun kop en staart laten zien, is op www.natuurpunt.be/tuinvogels illustratiemateriaal voorhanden.
In Vlaanderen stonden vorig jaar de koolmezen op kop, gevolgd door de vink, merel, Turkse tortel, houtduif, pimpelmees, spreeuw, staartmees en kauw. Vorig jaar werden in Brussel 1,9 huismussen per tuin geteld, een veel lager aantal dan in Vlaams-Brabantse tuinen (4,6). In opmars zijn de kauw en de houtduif, lastige kerels. Andere (nieuwe) regelmatige gasten zijn de kramsvogel en zwartkop.
Met de waarnemingen kan Natuurpunt beter het bestand en de broedplaatswijzigingen in kaart brengen. Dus gewoon even tellen, op de vingers mag ook.






















Nieuwe reactie inzenden